Tegen een nachtelijke sterrenhemel spoedt een jonge vrouw zich tussen de witte huizen door op weg naar haar geliefde, zij houdt een olielampje vast dat zij met haar hoofddoek afschermt. De voorstelling is opgeplakt op een beige blad met goudverf bespat en omlijst door een smalle gouden rand in zwarte en rode kaderlijnen.