Paar vergulde messing mutsspelden, gedragen door een meisje op Zuid-Beveland. De spelden werden in de ondermuts gestoken, vlak achter de uiteinden van het oorijzer. Zo werd de ondermuts aan het oorijzer vastgespeld. Deze spelden hebben mogelijk gediend als alternatief voor een paar gouden 'kroonspelden'. De vervaardiger is onbekend (geen meesterteken).