Mevrouw Van der Bijl uit Oosterland in Duivelandse dracht bij een regenwaterput. De vrouw draagt haar daagse muts, die 'puupmuts', 'jodinnemuts' of 'steedse muts' wordt genoemd. Onder deze muts wordt een zwarte ondermuts met een oorijzer gedragen. Aan de uiteinden van het oorijzer zijn kleine gouden krullen bevestigd.