Johanna Kloote-de Later uit Oosterland in Duivelandse streekdracht. Ze draagt de zondagse 'lange muts', waar een zwarte ondermuts en een oorijzer met kleine gouden 'krullen' onder worden gedragen. Het bolletje van de muts is van doorgestopte tule; de kantstrook is van handgekloste Rijselse kant.