Het is een chique jas uit het midden van de 19de eeuw. Zie bijv. blz. 78 in: "Aangekleed gaat uit", Waanders, 1998. De jas behoorde tot het zondagse pak van een Terschellinger man. Omdat de rozerode voering is afgeknipt en niet gezoomd, wordt vermoed dat de jas later is gebruikt in een verkleedkist.