Tooi voor hoofdmannen gemaakt van luipaardevel, geknipt met opstaande punten als een kroon, en versierd met een staartvel en haren. Aan de achterkant een sluitriempje. Alleen leden van het koninklijk huis mochten luipaardhuiden dragen en elke gedode luipaard werd automatisch eigendom van het opperhoofd.