Correspondentie tussen mevrouw Hendrika Hillegonda Botter-Gräber en haar man de heer Hendrikus (Bob) Botter bestaande uit 4 briefjes van verschillend formaat, waarvan 1 met potlood en 3 met pen beschreven zijn. De 4 briefjes zijn door hun zoon A.H. Botter getranscribeerd. Deze transcripties zijn bij de objecten gevoegd.