Puttingijzer (a), bestaand uit plat stuk ijzer met onderaan een plat gesmeed oog, bovenaan een op doorsnede vierkant oog dat haaks op het plat is gesmeed, door oog bovenaan (incompleet). IJzerbeslag (b) met 3-gaats jufferblok: een afgebroken stuk op de voorkant.