Spuikoker of bos (spelling Witsen, 1670: ‘bosch’). Een korte vierkantige balk in de lengterichting doorboord voor het door het boord lozen van lek-, regen- en/of buiswater. Aan de buitenkant een restant ‘mamiering’ om naar binnen stromen van water te verhinderen, in dit geval vermoedelijk van zeildoek. Precieze wijze van bevestigen is niet direct duidelijk. Slechts ...