Kris met schede, keris luk met vijf bochten; wrangka gayaman; ukiran cekahan; geen selut of mendak; pamor: dunne kronkelende lijnen aan weerszijden van de ada (rib); wrangka potokan; geen pendek; ukiran met patra; twee kalor die lopen tot bijna aan de punt van het lemmetmatig; gandar aan zijkant gespleten. Herkomst: Bali. DUT